wie doet wat?

diabeteseducator

algemeen

Zorgverleners (cf. verpleegkundigen, diëtisten, podologen, kinesitherapeuten) moeten een bijkomende opleiding volgen om diabeteseducator te worden. Eens zij een getuigschrift gehaald hebben, kunnen zij zich laten registreren bij het RIZIV.

 

Zoals voor elke andere chronische aandoening, geldt het ook voor diabetes type 2 dat de patiënt die deze diagnose krijgt zijn dagdagelijkse leven zal moeten aanpassen, wil hij (ernstige) complicaties vermijden. Dit houdt gedragsverandering in, aanleren van nieuwe vaardigheden en attitudes.

Om de patiënt hierbij te begeleiden en te ondersteunen, wordt er via het zorgtraject diabetes type 2 beroep gedaan op een diabeteseducator.

 

De diabeteseducator komt (bij voorkeur) bij de patiënt aan huis. Dit heeft als voordeel dat de diabeteseducator kan zien hoe de patiënt leeft en veel sneller concreet kan inspelen op bepaalde situaties.

 

Wat doet de diabeteseducator?

·           de patiënt informeren over zijn ziekte

·           de patiënt leren omgaan met zijn ziekte

·           de patiënt het belang van therapietrouw bijbrengen

·           de patiënt stimuleren tot zelfzorg

·           de levenskwaliteit van de patiënt optimaliseren

·           multidisciplinaire contacten onderhouden met de andere betrokken zorgverleners

Concreet:

-          Ervoor zorgen dat de patiënt de noodzaak inziet van zijn opvolging en behandeling: cf. op regelmatige tijdstippen naar de oogarts gaan, regelmatig een voetonderzoek ondergaan, opteren voor professionele voetverzorging, stipte toediening van medicatie, gewichtscontrole, beweging, …

-          De patiënt aanleren hoe zichzelf insulinespuiten toe te dienen

-          De patiënt aanleren hoe correct te werken met zijn bloedglucosemeter (gebruik, maar ook toestel regelmatig laten nakijken)

-          De patiënt aanleren hoe zijn bloedsuikerspiegel onder controle te houden

-          De patiënt aanleren wat hij moet doen bij hypoglycemie

-          Een luisterend oor zijn voor de patiënt

-           

diabeteseducatie in het kader van het zorgtraject

 

De diabeteseducatie kan enkel gebeuren via een voorschrift van de huisarts.

De educatie wordt in drie fasen opgedeeld:

1)      Starteducatie

De fase van de starteducatie omvat maximaal 10 sessies.

De huisarts schrijft een eerste voorschrift voor minimaal 5 sessies (een sessie bedraagt 30 minuten, één zitting mag maximaal 3 sessies omvatten).

Na de vijf eerste sessies kan de huisarts nog maximaal 5 sessies voorschrijven.

De diabeteseducator bezorgt de huisarts een verslag van de sessies na afloop van de eerste vijf sessies. Indien er nog bijkomende sessies worden voorgeschreven (max. 5), zal de diabeteseducator een tweede verslag over deze sessies maken voor de huisarts.

2)      Opvolgeducatie

In deze fase schrijft de huisarts maximaal 2 sessies van een halfuur op jaarbasis voor.

De diabeteseducator bezorgt een verslag aan de huisarts na afloop van de sessies.

3)      Extra educatie bij problemen

In deze fase kan de huisarts maximaal 4 sessies per jaar voorschrijven.

De diabeteseducator maakt een verslag voor de huisarts.

 

Opgelet!

-          Patiënten die reeds vóór inclusie in het zorgtraject starteducatie kregen (cf. via een conventiecentrum of referentieverpleegkundige) kunnen de starteducatie niet opnieuw krijgen via het zorgtraject.

-          Starteducatie, opvolgeducatie en extra educatie kunnen niet in hetzelfde kalenderjaar gegeven worden. Pas na het kalenderjaar waarin de starteducatie gegeven werd, kunnen fasen 2 en 3 gegeven worden.

-          Wanneer het aanbod van diabeteseducatoren in de eerste lijn ontoereikend is en/of bij patiënten met een complexe medische toestand, dan kan de patiënt doorverwezen worden naar een diabeteseducator uit een conventiecentrum voor ambulante educatie. Ook dit gebeurt via een voorschrift van de huisarts. Het voorschrift dekt een periode van één jaar. Na afloop van de sessies ontvangt de huisarts een verslag van het conventiecentrum.  


verplicht beroep doen op een diabeteseducator

 

De huisarts is verplicht om beroep te doen op een diabeteseducator bij:

-          de start van een insulinetherapie of van incretinemimetica. Een voorschrift voor minimaal 5 sessies is vereist.

-          de overgang van 1 naar 2 insulinespuiten. Een voorschrift van minimaal 2 sessies is vereist.

-          onvoldoende metabole controle (= HbA1c>7,5%). Een voorschrift van minimaal 2 sessies is vereist.